Waarom Fransen het woord 'chez' zo vaak gebruiken – en wat het onthult over hun kijk op thuis

Ontdek waarom Fransen het woord 'chez' veel gebruiken en wat dit onthult over hun persoonlijke kijk op thuis en sociale verbondenheid.

4 min lezen
Waarom Fransen het woord 'chez' zo vaak gebruiken – en wat het onthult over hun kijk op thuis

Waarom Fransen het woord 'chez' zo vaak gebruiken – en wat het onthult over hun kijk op thuis

Je hoort het de hele dag door in Frankrijk. In gesprekken, in advertenties, in winkels: chez Paul, chez le coiffeur, chez nous, chez toi. Als je het letterlijk probeert te vertalen, loop je al snel vast. Want 'chez' betekent niet simpelweg 'bij' of 'naar' — het zegt iets over hoe Fransen denken over plekken, mensen en wat ‘thuis zijn’ eigenlijk is.

Meer dan een plek: het persoonlijke van 'chez'

In Nederland zeg je: "we gaan naar de kapper." In Frankrijk: on va chez le coiffeur. Het verschil lijkt klein, maar dat ene woord — chez — maakt het persoonlijk. Je gaat niet naar een willekeurige salon, je gaat naar hún plek. Naar iemand toe. Chez suggereert een soort territorium. Niet alleen fysiek, maar sociaal.

Een voorbeeld: een vriendin zegt dat ze na het werk va chez ses parents. Dat betekent niet alleen dat ze naar het huis van haar ouders gaat, maar ook: ze gaat naar een plek waar ze hoort, waar ze gekend wordt. Chez is niet neutraal. Het draagt de sfeer van een plek waar relaties tellen.

Thuis is waar jij bent — of hoort te zijn

Zelfs als Fransen het over zichzelf hebben, gebruiken ze chez. Chez moi is niet alleen mijn huis, het is mijn plek in de wereld. Mijn anker. Je hoort het ook in expressies als c’est comme ça chez nous — zo gaat dat bij ons thuis. Niet per se tussen vier muren, maar binnen onze manier van leven.

Wat me telkens weer opvalt: Fransen gebruiken chez ook figuurlijk. Als iemand zegt chez les Italiens, on mange tard, bedoelen ze niet letterlijk in iemands huis in Italië, maar binnen die cultuur. Chez overstijgt dus het huiselijke; het duidt op een sfeer, een stijl, een identiteit.

‘Chez’ in commerciële namen: tussen nabijheid en gewoonte

Op straat zie je het overal. Chez Kader, Chez Tonton, Chez Lily. Zelfs als een restaurant deel uitmaakt van een keten, houdt het soms die naam vast. Niet om chic te doen, maar om vertrouwd te klinken. Een plek waar je naartoe gaat alsof je iemand kent.

In de supermarkt zie ik regelmatig producten als pain fait chez nous — brood gemaakt bij ons. Daarmee bedoelen ze niet noodzakelijk ‘hier in de winkel’, maar op een plek die bij 'ons' hoort. Opnieuw dat idee van vertrouwdheid.

Het zit diep — taalkundig én sociaal

Chez is een woord met wortels. Het komt van het Latijnse casa, huis. Maar in het Frans is het meer dan een zelfstandig naamwoord geworden: het is een manier van kijken. Naar mensen, naar plekken, naar jezelf. Waar hoor je bij? Waar voel je je thuis? Waar hebben mensen verwachtingen van elkaar?

In die zin zegt het veel over de Franse manier van denken. Niet direct, niet zakelijk, maar omfloerst, sociaal geladen. Als een Franse vriend zegt tu viens chez moi ce soir ?, bedoelt hij meer dan enkel: kom naar mijn huis. Hij nodigt je uit in zijn sfeer, zijn nabijheid. Daar zit iets warms in.

En in Nederland dan?

Wij zeggen liever: 'we gaan naar Piet', 'ik ben bij mijn ouders', 'dit is mijn thuis'. Allemaal correct, maar op de een of andere manier neutraler. Onze taal scheidt het sociale sneller van het fysieke. In het Frans lopen die dingen door elkaar. Alsof je als mens ook een plek bent waar anderen kunnen zijn.

Soms denk ik dat dat kleine woordje chez Frans is zoals Frankrijk zelf: niet makkelijk te vangen in één uitleg, soms omslachtig, maar altijd persoonlijk. Het zegt niet alleen wáár je bent — maar ook: bij wie.

Deel dit artikel:

Reacties ()

Log in om mee te doen aan het gesprek en een reactie achter te laten!

Gerelateerde artikelen